Paus Pius XII Eugenio Maria Giuseppe Giovanni Pacelli (1876 – 1958)

0
450

Paus Pius XII, geboren als Eugenio Maria Giuseppe Giovanni Pacelli (Rome, 2 maart 1876 – Castel Gandolfo, 9 oktober 1958), was een Italiaanse paus van 1939 tot aan zijn dood. Aan het begin van zijn pontificaat brak de Tweede Wereldoorlog uit, in de laatste jaren ervan dreigde het gevaar van de Koude Oorlog. Theologisch belangrijk was zijn plechtige definitie van het dogma van Maria-Tenhemelopneming? met ziel en lichaam in 1950.

Relatie tot nazi-Duitsland

In deze functie sloot hij in nauw overleg met Ludwig Kaas en Franz von Papen op 20 juli 1933 het Rijksconcordaat af met de jonge nationaalsocialistische regering.
Door dit verdrag was het mogelijk om het katholieke geloof in Duitsland? op een ongestoorde manier te beleven. Achtereenvolgende Duitse regeringen hadden vanaf Otto von Bismarck de Rooms-katholieke Kerk in haar mogelijkheden beperkt. Maar de prijs was dat het Vaticaan Hitlers bewind erkende. Sterker nog, doordat de Rooms-katholieke Centrum Partij (Deutsche Zentrumspartei) instemde met de zogenaamde toestemmingswet, werd het parlement buitenspel gezet en kon Hitler met onbeperkte macht gaan regeren. Een ander element uit dit verdrag was dat de benoemingen van aartsbisschoppen en bisschoppen pas gedaan mochten worden nadat de rijkskanselier ervan in kennis was gesteld en er geen bezwaren van algemeen politieke aard bestonden. Omdat de ware aard van Hitler toen nog niet voor iedereen duidelijk was, werd het verdrag in 1933 als een groot succes voor de Kerk gezien. Toen een aantal toezeggingen uit het concordaat al heel snel waardeloos bleek, opende Pacelli een diplomatiek offensief.
Over het concordaat met Duitsland zou Pius XII na de oorlog zeggen dat het was afgesloten niet met de veronderstelling dat het de situatie zou verbeteren, noch had het concordaat de intentie om de doctrine van het nationaalsocialisme goed te keuren. Verder voegde hij eraan toe dat “het concordaat in de daaropvolgende jaren leidde tot enige voordelen, of tenminste grotere gevaren voorkwam”.

Op aandringen van de Duitse bisschoppen besloot Pius XI in 1936 aan Eugenio Pacelli de opdracht te geven een encycliek op te stellen, waarin de situatie in nazi-Duitsland aan de kaak werd gesteld. Mit brennender Sorge was een in het Duits opgestelde encycliek die in 1937 uitkwam en die tijdens de mis van Palmzondag in de Duitse kerken werd voorgelezen. In de encycliek sprak de kerk zich uit tegen de vervolging van de kerk en het neopaganisme van de nazi’s. Hoewel de Joden niet specifiek werden genoemd werd ook de rassenpolitiek van de nazi’s onder de aandacht gebracht.